Taal en vertrouwen

Ik heb het nog meegemaakt dat een kennis een contract weigerde te tekenen omdat het vol kromtaal en spelfouten stond. Terecht. Want kromtaal leidt tot misverstanden: een slecht geformuleerde zin is niet helder en voor meerdere interpretaties vatbaar. Een contract heeft nu net de bedoeling afspraken duidelijk op een rijtje te zetten. Zo leg je de basis voor vertrouwen.

Een verzorgde taal heeft dus wel degelijk haar belang. Zeker in een omgeving waar andere vormen van communicatie, zoals lichaamstaal, onmogelijk zijn, is extra aandacht voor de kwaliteit van teksten geen overdreven inspanning.

Als ik op een homepage lees: 'Het spijt ons zeer, we hebben geen website in het vlaams op het ogenblick. Maar voor de vlaamssprekende nodigen wij u uit om aan de engelse website mee te doen', klik ik door naar een andere site.

Het is niet dat ik niet apprecieer dat een anderstalige moeite doet om zich in het Nederlands uit te drukken. Integendeel. En dat die anderstalige fouten maakt, ook daar heb ik geen probleem mee. Verre van.

Wat me stoort, is het gebrek aan inspanning om zelfs een kleine mededeling verzorgd te communiceren. Een spellingchecker bijvoorbeeld had er al de meest in het oog springende fouten kunnen uithalen. Een vertaler of een copywriter had voor een te verwaarlozen bedrag die twee zinnen juist geformuleerd.

Het ostentatief weigeren van die inspanning, is onhoffelijk tegenover de klant. De taal is op een site de belangrijkste communicatievorm. Wie goed wil communiceren, gaat dus respectvol om met die taal evenals met de bezoekers van zijn site.

De keuze van de taal of talen van een site is daarom ook zo belangrijk. Net zoals bij contactcentra geldt dat je beter communiceert in de taal van de klant naarmate de geboden service complexer is. Dat is een reden te meer om een verzorgde taal te hanteren: complexe zaken krijg je niet helder gesteld met kromtaal.

Engels speelt in deze context op twee niveaus.

Engels lijkt vooreerst een soort veilige vluchthaven voor wie een internationaal publiek wil bereiken. De redenering is dat iedereen wel Engels begrijpt - of dat zo is, is nog maar de vraag - en dat daarom de communicatie op de website best wel in het Engels mag gevoerd worden.

Engels begrijpen is echter niet hetzelfde als Engels schrijven of gebruiken. Natuurlijk zal niet iedereen uitschuivers maken waarmee hij de onsterfelijkheid ingaat, zoals die Vlaamse schepenen die zich op een buitenlandse missie voorstelden als the ships of Flanders. Maar dat het zich vlot en begrijpbaar uitdrukken in een vreemde taal niet altijd evident is, ondervonden destijds ook tot hun eigen schande de Nederlandse regeringsleiders die per se hun voorzitterschap van de Europese Unie in het Engels wilden voeren.

Tegelijk is Engels een soort sluipend gif: het vertroebelt het Nederlands en is vaak oorzaak van begripsverwarring.

Onlangs las ik in een interview met een consultant dat hij voor de interpretatie van een kwaliteitsnorm vaak teruggrijpt naar de oorspronkelijke Engelse tekst, omdat de Nederlandse vertaling niet exact dezelfde interpretatie geeft als de Engelse. De voorbeelden die hij gaf, waren allerminst overtuigend omdat ze net wél exact dezelfde betekenis hebben: top management en directie, monitoring en bewaking. Alleen, en daar zit het sluipend gif: vaak wordt het Engelse begrip een diepere betekenis toegedicht of wordt het Nederlandse begrip te ordinair bevonden.

De gebruiker van Engelse begrippen wil soms ook aantonen dat hij het jargon, en dus de materie, meester is. Het is dus supply chain management en niet het beheer van de toeleveringsketen, wireless local area network en niet draadloos lokaal netwerk, outsourcing en niet uitbesteding.

Engelse termen werpen, zo wordt soms gedacht, meer gewicht in de schaal - dat geldt trouwens bij uitbreiding ook voor de titels die mensen zich toe-eigenen. Human resources manager klinkt gewichtiger dan personeelsdirecteur, quality manager heeft meer inhoud dan kwaliteitsmanager en een CEO is belangrijker dan een algemeen directeur.

Soms worden Engelse termen zelfs oneigenlijk gebruikt. Ze moeten dan een realiteit verhullen. Wie zijn betoog met jargon doorspekt, doet dat misschien om zijn gebrek aan reële praktijkkennis te maskeren. Een zaakvoerder die zichzelf CEO noemt, is misschien een windmaker.

In die zin bevat geschreven taal toch een zekere lichaamstaal. Woordkeuze, zinsconstructie, helderheid van formulering...: het zijn allemaal elementen die veel zeggen over welk vlees je in de kuip hebt. Zij kunnen het verschil maken tussen wantrouwen en vertrouwen.

De auteur is hoofdredacteur van ZI-biz.

Reageer hieronder of stuur uw reactie naar de auteur
Share
  • Over incompetentie

    • 1419x gelezen
    • 20 mei 2012
    Er zijn incompetente mensen en er zijn mensen die door en door onbekwaam zijn. Die laatste hebben, naargelang het ingenomen standpunt, het grote voor- of nadeel dat zij de hallucinerende diepte van hun eigen incompetentie nooit zullen beseffen...Lees meer
  • Waarom ik een haat-liefdeverhouding met Vlaanderen heb

    • 1527x gelezen
    • 07 mei 2012
    Zelfs als de Franstaligen de Vlamingen zwaar beledigen of zelfs aan haatzaaierij doen kijkt de Vlaming liever de andere kant op. Of erger nog: ze beginnen op hun eigen boodschapper te schieten die het lef had om daar publiekelijk zijn verontwaardiging over kenbaar te maken...Lees meer
  • België in rep en roer na ongewenste intimiteiten, maar hoe zit dat in Nederland?

    • 1101x gelezen
    • 02 mei 2012
    Wat me destijds ook opviel, was dat er los van het man/vrouw-aspect anders met de hiërarchie werd omgegaan. In België is de baas nog echt een baas, terwijl er in Nederland veel minder machtsafstand binnen de arbeidsrelatie bestaat. De Belgische ondernemingscultuur wordt veel meer dan de Nederlandse gedomineerd door strikte machtsverhoudingen, terwijl de Nederlander zijn baas vooral als medeteamlid ziet.Lees meer
  • Wat doen managers anders dan praten?

    • 30 apr 2012
    Nooit stonden ons meer communicatie-instrumenten ter beschikking, en nooit werd er slechter gecommuniceerd. We hebben allemaal e-mail, gsm, voicemail, conference calls en dies meer. En toch begrijpen we elkaar niet. Enkele weken geleden belde een Nederlandse consulent, specialist in business development en commercial engineering, mij met de vraag of hij 'even een accountcase tegen mij aan kon houden'. Mijn reactie was ongetwijfeld heel dom, maar wel oprecht: 'Wablieft?'Lees meer
  • Geluk op het werk

    • 1641x gelezen
    • 16 apr 12
  • Is het Bekaert-management niet dringend aanve...

    • 1359x gelezen
    • 09 apr 12
  • Het gemiddeld Vlaamse huisgezin isoleert met...

    • 06 apr 12
  • Succesvolle bedrijven investeren in tevreden...

    • 1282x gelezen
    • 23 mrt 12
  • Verkeersveiligheid draait vooral om politieke...

    • 13 mrt 12
STIJGERS & DALERS BEL20