|
De Amerikaan Alan Krueger, professor aan de universiteit van Princeton, bestudeert al jaren de relatie tussen economie, welvaart en terrorisme. Een aantal conclusies bundelde hij in zijn recentste boek 'What makes a terrorist. Economics and the roots of terrorism.' Krueger vecht de stelling aan dat terroristen meestal uit arme en laaggeschoolde milieu's komen. Volgens hem zijn het gros van Hezbollahstrijders duidelijk hoger geschoold en hebben terroristen vaak een artsen- of ingenieursdiploma op zak. Verder geeft Krueger aan dat er twee strekkingen bestaan wat betreft de economische gevolgen van terrorisme. De eerste -small effect- genoemd, geeft aan dat terrorisme uiteindelijk weinig impact heeft op de economie. Zo verhuisden traders en bankiers in de dagen na 11 september 2001 gewoon naar lege hotels in de buurt van de Twin Towers, om daar hun activiteiten te hernemen. Een tweede stelling, -big effect- genaamd, zegt dat terrorisme in de nadagen van een aanslagen een overreactie oproept bij overheden en burgers. Zo verloopt de immigratie naar de VS vandaag een stuk moeilijker dan voor 9/11 en ondergingen bepaalde sectoren, zoals de luchtvaart diepgaande veranderingen. Krueger toont voor geen van beide benaderingen een voorkeur. Wel hekelt hij het gebrek aan een grondige analyse van terrorisme door de overheden. Eén misverstand ruimt Krueger alvast uit deweg: de wijdverbreide gedachte dat terrorisme te wijten is aan onwetendheid en ongeletterdheid. Terroristen maken gewoon een rationele analyse: wanneer de opbrengsten van een actie de kosten ervan overtreffen, gaan ze tot actie over.
|