|
Multinationale organisaties als McKinsey, PwC en Goldman Sachs beschikken over een zeer divers werknemersbestand. Wie een kijkje neemt in de lijst van managing directors bij Goldmann Sachs, stoot op namen als Peter Tomozawa, Eiji Ueda, maar ook Lucas Van Praag en Ashok Varadan. Dit soort bedrijven heeft kantoren in de belangrijkste steden ter wereld en zich beperken tot blank en Angelsaksisch personeel zou uiteraard hun mogelijkheden limiteren. In New York zijn 43% van hun werknemers immigranten, in Londen is dat 33%. Hebben bedrijven voordeel bij een door raciale diversiteit gekenmerkt werknemersbestand? Scott Page, professor aan de Universiteit van Michigan en auteur van het boek 'The Difference', meent van wel. Maar de voordelen komen niet zozeer van het feit dat werknemers een verschillende raciale en religieuze achtergrond hebben. De voordelen liggen in wat Scott noemt de cognitieve diversiteit, waarbij werknemers over een andere kennis en trainingsachtergrond beschikken. Uit verschillende onderzoeken is gebleken dat cognitief verschillende groepen tot betere prestaties komen. Julien De Wilde, de voormalige CEO van Bekaert, vat het als volgt samen: 'Ik kan het niet wetenschappelijk onderbouwen, maar uit ervaring weet ik dat als voor een project mensen samenwerken uit verschillende culturen de kwaliteit van het werk altijd beter is omdat ze het bekijken vanuit diverse invalshoeken. Als je allemaal uit dezelfde school komt, het mag dan Harvard zijn, bekijkt iedereen het op dezelfde, meer beperkte manier."
|