 De journalistiek rond het Europees gebeuren in Brussel is sneller en minder diepgaand geworden. Dat heeft Reijo Kemppinen, directeur-generaal pers en communicatie bij de Raad van Europa, gezegd in een gesprek met het webmagazine Euractiv.com. Door de economische crisis hebben vele media volgens Kemppinen hun aanwezigheid in Brussel teruggeschroefd of zelfs stopgezet. Bovendien zijn de correspondenten jonger en krijgen ze minder tijd om zich in te werken.
"In het verleden kreeg een nieuwe journalist vaak zes maanden tijd om zich rustig voor te bereiden en zijn nieuwe werkomgeving te leren kennen," voert Kemppinen aan. "Nu wordt echter verwacht dat ze onmiddellijk aan de slag gaan, maar ook hun verhalen voor drie of vier verschillende formaten - gedrukte media, audiovisuele kanalen en het internet - opmaken. Zelfs in de handen van de meest talentvolle correspondenten heeft dat een negatieve impact op de kwaliteit van de journalistiek. Misschien is de journalistiek niet minder accuraat, maar wel sneller en minder diepgaand geworden."
Kemppinen benadrukte in het interview wel zijn vertrouwen in de toekomst van sociale media als een communicatie-instrument voor de Europese Unie, maar ook als een element van de moderne journalistiek. "Sociale media zullen een radicale verandering teweeg brengen in de toekomst van de communicatie-omgeving," merkt hij nog op. "Die verandering is nog maar pas op gang gekomen. De journalistiek zal één van de beroepen zijn die door deze evoluties gevoelig zal veranderen." (MH)
|