 Vele werknemers dromen ervan om ooit een leidinggevende functie te kunnen bemachtigen, maar wanneer het eindelijk zover is, blijkt dat vaak bijzonder hard te zijn. Dat zegt Lothar Rolke, professor communicatie en economie aan de Duitse Hochschule Mainz. Echter niet alleen de inhoud van de nieuwe opdracht blijkt vaak veel zwaarder te zijn dan werd gedacht, maar ook moet men vaak nog eens afrekenen met de negatieve reacties van de vroegere collega's.
"De dag van de bevordering wordt vaak als een persoonlijke triomf gezien, maar vaak worden de nieuwe leidinggevenden met de harde realiteit geconfronteerd," merkt de Duitse krant Die Welt op. "Niet zelden blijkt die positie in realiteit heel wat minder aanlokkelijk te zijn dan voordien werd verwacht. Vaak komen er heel wat onverwachte dingen op de nieuwe leidinggevende af, die daardoor fouten dreigt te maken en onzeker dreigt te worden."
Het grootste gevaar vormen volgens Lothar Rolke echter vaak de collega's op de vroegere werkvloer. "De promotie van een collega leidt vaak tot nijd, vooral bij diegenen die zelf op een bevordering hadden gerekend," merkt hij op. "Maar iedereen wil de nieuwe chef uittesten, ook medewerkers die het goed menen. Dat leidt ertoe dat de nieuwe leidinggevende wordt geprovoceerd, uitgedaagd en bespioneerd, al gebeurt dat meestal op een heel subtiele manier."
Bovendien is er ook de druk van boven. "Daardoor komt men tussen twee kampen terecht," aldus nog Die Welt. "Enerzijds moet men zijn leidingscapaciteiten bewijzen zonder zijn vroegere collega's tegen zich in het harnas te jagen, maar anderzijds moet men zich ook tegenover de bedrijfsleiding bewijzen. Volgens Rolke past daarbij maar één antwoord en moet de strategie van de nieuwe leidinggevende van bij de eerste dag duidelijk gemaakt worden. Authenticiteit, competentie en rechtvaardigheid zijn daarbij volgens Rolke sleutelementen." (MH)
|