Om te huilen of om te lachen?

Op Express.be, een zakelijke portaalsite die mijn weblogs over neemt (en uitgever is van onder meer een rist zakelijke e-zines met elk een paar tienduizenden abonnees ), moest een anonieme HRM'er (o wat moedig) zo nodig zijn gal spuien over mijn weblog over Agfa-Gevaert en Marcel Van Aken alsmede over mijn journalistieke aanpak en persoon in het algemeen. U vindt die reactie, die niet aan HRMblogs zelf werd bezorgd (we zouden ze nochtans probleemloos gepubliceerd hebben - ten bewijze: we doen het nu), hier onder.

Sommigen hebben het moeilijk met mijn investigatieve en onthullende journalistiek. Dat is vreemd want deze aanpak is courant (hoewel op zijn retour) in de algemene en ook zakelijke pers. Het is een understatement te stellen dat ik in HR-kringen enkel fans tel (dat hoeft ook niet, is niet mijn grootste betrachting). Er buiten heeft men het doorgaans minder moeilijk met mijn aanpak. Vooral collega's journalisten waren en zijn er niet zelden erg over te spreken (al kunnen of durven ze zelf niet altijd het genre te bedrijven).

Mijn aanpak, die zich kenmerkt door een combinatie van grondig en beter dan welke HR-vakjournalist ook geïnformeerd te zijn met een flinke portie vrijpostigheid, ja zelf branie, heeft me in het verleden al vriendschappen gekost. In de toekomst zal dat wellicht nog gebeuren. Een fatwa is er nog niet over me uitgesproken, maar achterbaksheid, roddel en achterklap waren wél mijn deel. Als dat de prijs is die ik moet betalen voor mijn journalistieke en intellectuele vrijheid, so be it. Het is ingecalculeerd, ik kan er tegen.

Bij de beschuldiging dat ik Van Aken zou viseren, breekt mijn klomp. Om niet te zeggen: zakt mijn broek af. Het is een gekend procédé: als de boodschap niet bevalt, schiet dan op de boodschapper. Toen wijlen Knack-journaliste Frank De Moor het gesjoemel met vastgoed in Knokke en de bedenkelijke wijze waarop het gemeentebestuur van de mondaine badplaats aan politiek deed/doet onthulde en een de kaak stelde, viseerde hij toch ook niet de beau-monde aldaar, en in het bijzonder bij de almachtige Lippens-clan. Neen, hij deed gewoon zijn werk, punt uit. Idem dito toen De Moor toenmalig minister van landsverdediging Van den Boeynants en nadien zijn (lichtjes lachwekkende en niet bijster intelligente) opvolger Freddy Vreven (de man van het obussen-schandaal) op de hielen zat. Met VDB zou hij, zo werd toen beweerd, een vendetta uitvechten. Bullshit natuurlijk, hij deed wat elk zichzelf respecterend journalist hoort te doen: informatie die sommigen liefst niet gepubliceerd zien wereldkundig maken, de deksels van onfrisse potjes halen, de luis in de pels van de macht(hebbers) zijn. De pers als vijfde macht, quoi.

Mannen/journalisten van het slag van De Moor (maar ook destijds Walter De Bock bij De Morgen) zijn er vandaag nog amper en in elk geval minder dan vroeger en hoe dan ook veel te weinig: koppig, uitstekend geïnformeerd, dossiervreters. En met een noodzakelijke portie 'gebrek aan respect' voor de hoge homes. Het journalistengild is vandaag in grote mate bevolkt met wat Rik Van Cauwelaert, de directeur van de redactie van Knack en een van de weinige nog echt dwarse scribenten in de media vandaag, ooit de schoothondjes van de macht noemde. Terwijl ze de kuitenbijters er van zouden moeten zijn, of minstens toch de waakhonden er van. Serge Halimi van Le Monde Diplomatique omschreef de vigerende journalistiek in zijn nog immer lezenswaardige want actuele (eigenlijk meer dan ooit) pamflet uit 1997 'Les nouveaux chiens de garde' als 'journalisme de révérence et de complaisance'. In HR-kringen heeft men een ontegensprekelijke voorkeur voor dit genre. Zelf noem ik het een veredelde vorm van copywriting. De gemiddelde HRM-er, zeker al hij/zij wat prestige heeft, wordt journalistiek doorgaans met veel te veel égards behandeld. De scribenten uit de vakpers stellen zich te vlug tevreden met het officiële, voorgekauwde, promo- of verkoopsverhaaltje. Spelen niet genoeg de pitbull, de kuitenbijter. Worden al te vaak iets op de mouw gespeld, om de tuin geleid. Gaan niet (dikwijls genoeg) achter de façade kijken, trekken te weinig hun laarzen aan om dieper te spitten (desnoods in de stront te wroeten). Daarvoor pas ik, het is niet aan mij besteed. Ik gooi het over een andere boeg. En die aanpak heeft, gelukkig niet enkel tegenstanders. Getuige hiervan de ruim 8000 abonnees op het e-zine dat ik tot voor kort (tot eind februari) uitgaf vanuit hrm.net (HRM Focus). Waaronder ongetwijfeld abonnees die niet altijd, misschien zelf meestal niet, met me eens waren. Of toch niet helemaal. Maar desondanks moesten toegeven dat ik, minstens gedeeltelijk, niet zelden gelijk had. En die enige sympathie koesterden voor mijn onconventionele, dwarse, aanpak en 'scherpe' pen. Laat het ons zo stellen: terwijl HRMagazine een beetje De Standaard is van de HR-vakpers (gedegen, maar een beetje saai), had HRM New een fris en ietwat balorig De Morgen en Humo-imago. Gewild, want het heeft niet veel zin om meer van het zelfde te bieden, om zoals HR Square een me too van de marktleider (HRMagazine) te zijn. Die stijl, die teneur, wil ik verder zetten met HRMblogs. Maar op kleiner schaal en ietwat anders (meer opiniërende en gedegen stukken in de stijl van mijn blog over het einde van het Amerikaanse managementmodel of die over diversiteit).

Christian Van Thillo, de topman van De Persgroep, stelde niet lang geleden op een lunchcauserie: écht nieuws is informatie die iemand niet gepubliceerd wilt zien. Ik denk er net zo over. Wie ben ik trouwens om Van Thillo, een van 's lands belangrijkste persbonzen, in deze tegen te spreken.

Vandaar dat ik nog graag volgende extra info over Agfa-Gevaert en Van Aken meegeef: tot op de dag van vandaag houdt Van Aken zich opvallen low profile en op de achtergrond tijdens de onderhandelingen over de herstructurering. De eerste viool vanuit de directie op dat vlak wordt, vreemd genoeg, gespeeld door Albert Follens. Dat is de COO van de divisie 'materials' en zowel de ouderdomsdenken als diegenen met de meeste/langste Agfa-ervaring binnen het huidige directiecomité. Normaal gezien mag verwacht worden dat de HR-director in de frontlinie van dergelijke onderhandelingen staat. Schrijf ik nu dit alles andermaal om 'Van Aken te pakken'? Loop weg ! In tegenstelling tot wat de anonieme HRM-er op Express stelt, is dergelijke motivatie mij volledig vreemd. Dat suggereren is echter wel een bekende (demagogische) truc om de boodschapper in een slecht daglicht te plaatsen en zodoende zijn boodschap ongeloofwaardig te maken. Een beetje journalist kent het fenomeen. En is er immuun voor, trekt zich er geen ene moer van aan. Tevens denkt hij/zij: moet ik daar nu bij lachen of huilen? Ik opteer voor het eerste, maar voel me wel een beetje droefig bij zoveel onbegrip, domheid of slechte wil (wellicht een beetje alle drie).

auteur: Marc Ernst

------------------------------------------------------------------------------------------

Reactie van een zeker Jean (nickname) op Express.be op mijn blog over Alfa-Gevaert en Marcel Van Aken.

Jean : 'Saillante weetjes' dit duidt volledig waarover dit artikel gaat. Het is al langer duidelijk (voor de HR-gemeenschap) dat Marc Ernst zich in Marcel Van Aken heeft 'vastgebeten' en op alle mogelijke manieren probeert verdacht te maken. Dit begint zelfs veel weg te hebben van een vendetta, of zelfs stalking. Dit artikel gaat dan ook niet zo zeer over Agfa en de herstructureringen, maar past weerom in deze verdachtmakingspolitiek. Getuige hiervan zijn: - de hier-niet-relevante kritiek op de HR-mgr vh jaar verkiezing van MVA. Deze verkiezing is idd nonsens, maar dit is al jaren zo. Op elke verkiezing en winnaars vd laatste 5-7 jaar kan er kritiek geuit worden; - de vermeende 'onthulling' dat MVA niet zou kunnen promoveren bij Glaverbel en daarom als 'ambitieuze' weg wilde. Zelfs indien dit 100% correct zou zijn, Wat is daar dan fout mee? - de kritiek van een aantal FGTB-ers. Zo kan ik ook een zeer lange lijst samenstellen. In een gemediatiseerd conflict zijn zulke geschreven kritieken standaard. Eerder dan duiding te geven bij relevante vragen rond bv: - toepassing van het generatiepact; - al-dan-niet toepassen van verlaagde brugpensioenleeftijd; - discussie rond outsourcing, etc gaat Marc Ernst andermaal de sensationele/ saillante toer op en scherpt zijn persoonlijke vendetta verder aan. Dit is tenslotte een beproefde methode voor aandacht. Zijn bedenkelijke reputatie versterkt hij hiermee ook weer eens opnieuw.

  • Gebaseerd op:HRMblogs
Share
STIJGERS & DALERS BEL20
BOEKENVOOR MANAGERS
Iedereen competentCompetentiemanagement is definitief doorgebroken. Niet alleen in de bedrijven, maar ook in het onderwijs, de welzijnssector, de ziekenhuizen, de overheidssector, enzovoort. Deze volledig herziene editie van Iedereen competent biedt niet alleen inzich...Price: 27,50 €
BENOEMINGEN
Philip Alliet Philip Alliet
Country Manager Belux e... AON RISK SOLUTIONS BELGIE
Sandra Minnen Sandra Minnen
Manager New Business De... DUN & BRADSTREET
LAATSTE VIDEO'S