 Het feit dat vrouwen steeds meer toegang krijgen tot hogere kaderposities slaagt er niet in om de loonachterstand tegenover mannelijke collega's af te bouwen. Dat is de conclusie van een onderzoek van wetenschappers aan de Uppsala University in Zweden. De onderzoekers merken op dat er geen relatie kan worden gevonden tussen het geslacht van de managers en de weddeniveaus of weddeverschillen op de arbeidsmarkt. Volgens een aantal theorieën ligt het lagere gemiddelde loon bij vrouwen onder meer aan het feit dat het vrouwelijk geslacht nog altijd zwaar ondervertegenwoordigd is in managementfuncties.
Drie jaar geleden bekleedden vrouwen ongeveer 36 procent van alle management-posities op de Zweedse arbeidsmarkt. "In eerste instantie kon worden vastgesteld dat vrouwelijke werknemers met vrouwelijke managers een hoger salaris ontvangen, zoals ook vaak naar voor wordt geschoven," merkt onderzoeker Lena Hensvik, professor economie aan de Uppsala University, op. "Wanneer er echter werd gekeken naar individuen die zowel mannelijke als vrouwelijke managers hadden gekend en naar de salaris-evoluties die daarmee gepaard gingen, bleek er echter geen enkel verschil over te blijven."
"De verschillen in het salarisniveau moeten worden toegeschreven aan de individuele werknemers en niet aan hun managers," merkt Hensvik op. "Een toename van het aantal vrouwelijke managers heeft geen impact op de salariskloof tussen de werknemers." De onderzoekster voegt er aan toe dat er ook geen bewijzen zijn dat vrouwelijke managers meer vrouwen aanwerven. Het is volgens haar mogelijk dat vrouwelijke managers meer vrouwen met een hoog niveau aantrekken, maar ook dat is volgens haar afhankelijk van de werkplaats en de sector in plaats van afhankelijk te zijn van het geslacht van de kaders. (MH)
|