 Een prijszetting op 29,99 euro in plaats van 30 euro gaat terug op een oude traditie, maar levert de verkoper in een aantal gevallen uiteindelijk weinig resultaten op. Dat zegt Robert Schindler, professor marketing aan de Rutgers School of Business in de Verenigde Staten. Volgens Schindler kan die ene eurocent in de ogen van de consument het verschil maken tussen een goed product en een inferieure versie. Wanneer de consument kwaliteit belangrijker acht dan prijs, kan de strategie volgens Schindler dan ook belangrijke schade toebrengen aan de verkoper.
"Eén eurocent lijkt niet veel, maar in de perceptie van de consument kan dat een belangrijk verschil betekenen," stipt Schindler aan. "De consument kijkt immers niet in de eerste plaats naar de cijfers achter de komma, maar wel voor de komma. De consument zal dan ook weinig prijsverschil zien tussen 20 euro en 25 euro, maar wanneer men daar één eurocent van aftrekt, wordt een compleet ander beeld gecreëerd. Een product van 19,99 euro lijkt veel goedkoper dan een versie van 24,99 euro. Het product van 19,99 euro zal in de ogen van de consument een koopje lijken."
"Die strategie zal tot een grotere omzet leiden, maar de strategie kan ook tegen de verkoper werken," waarschuwt Schindler. "Het verlagen van de prijs met één eurocent kan het publiek het idee bezorgen dat het product van bedenkelijke kwaliteit is. Bij de aankoop van luxeproducten en risicovolle items besteedt de klant immers meer aandacht aan kwaliteit dan aan prijs en de verkoper mag niet het idee creëren een ondermaats product aan te bieden." (MH)
|