 De voorbije decennia zijn laptops, pc’s en andere mobiele gadgets gekrompen van zware machines tot kleine, compacte gadgets of tabletten die makkelijk in je hand of je schooltas passen. Alles aan computers wordt beter; ook de hoeveelheid elektriciteit die ze verbruiken.
Vooral op vlak van stroomverbruik zijn de voorbije decennia op zijn zachtst gezegd verbazingwekkende verbeteringen gerealiseerd. Uiteindelijk is dat de conditio sine qua non om vooruitgang te boeken in deze sector.
Professor Johnatan Koomey van de Stanford universiteit schreef onlangs in de EEE Annals of the History of Computing dat ‘de elektrische efficiëntie van computers de voorbije zestig jaar elk anderhalf jaar zowat is verdubbeld.’
Mocht een MacBook Air van vandaag dus dezelfde energie-efficiëntie hebben als een computer van 20 jaar geleden, dan zou die zoveel energie verbruiken dat de batterij na 2,5 seconden zou zijn opgebruikt in plaats van de zeven uur die de 50-wattsbatterij in de Air het vandaag volhoudt. Met andere woorden, om die computer zeven uur lang aan de praat te houden zouden niet minder dan 10.000 moderne Air-batterijen nodig zijn.
De kans dat de MacBook Air dan nog in een omslag zou passen, zou dan nihil zijn.
Voormeld voorbeeld is leuk, maar gaat in feite niet op, denkt Koomey. De verbeteringen die aan computers zijn gemaakt, zijn grotendeels te danken aan de verbetering van chips, die veel krachtiger en efficiënter zijn geworden.
Apple zou dus geen magische toestellen op de markt brengen, mocht de ganse computerindustrie geen titanenwerk hebben verricht om de energie-efficiëntie drastisch te verbeteren.
|