De revoltes in Noord-Afrika en het Midden-Oosten: waarom de westerse consument het gelag zal betalen

In het jongste decennium groeide in het Midden-Oosten en Noord-Afrika een jonge generatie op die zich aan het loswoelen is uit het dwangsysteem van hun autoritaire regimes welke vlot ondersteund werden door westerse belangen.

De uitbarsting van protest en de wil tot verandering vanwege jonge en dynamische gangmakers voor sociopolitieke hervormingen zullen niet zonder economische gevolgen blijven voor de wereldeconomie en voor de westerse voorrangspositie in de Arabische landen, schrijft professor emeritus Louis Baeck (K.U.L.) in zijn essay  Opstand en burgeroorlog in de Arabische Regio: 2010-2011

Sinds twee decennia beleven de Arabische landen een demografische transformatiecyclus: met dalende sterftecijfers bij relatief hoog blijvende geboortegetallen, zodat de totale bevolking snel stijgt in aantal en naar een zeer jonge leeftijdpiramide evolueert, met ruim de helft van de bevolking beneden de leeftijd van 30 jaar.

Baeck werpt een blik in de toekomst en die ziet er niet goed uit:

Deze situatie is vergelijkbaar met de democratisering van Brazilië in het decennium 1980-1990 na 25 jaar autoritair bewind vanwege een militaire junta. Daar is de democratische omschakeling niettegenstaande enkele crisismomenten wonderwel gelukt. In de context van Tunesië en vooral in Egypte zal veel afhangen van de westerse peetvaders die de weggejaagde presidenten ondersteunden uit eigenbelang. Bij het uitbreken van de opstand toonden zij zich  weinig enthoesiast  over deze  onstuimige protest-beweging. Deze aanvankelijk gereserveerde opstelling van onze bewindvoerders bracht de “mutagharibin” of de “westersgezinden” van de op democratiegerichte manifestanten in verlegenheid. Hun wantrouwen in de ware bedoelingen van het Westen zal beklijven wat in de kaart speelt van de nationalisten en van de inheems gerichte islambeweging.

Ook de zogenaamde volksdemocratie van Gaddafi (sinds 1977 is de officiële titel Arab Jamahiriya)  zit steviger in het zadel dan vermoed. En zijn strijdkrachten zijn blijkbaar nog niet aan uitputting toe. De afloop van het conflict op het slagveld is moeilijk te voorspellen. En zoals in het geval Irak en Afghanistan speelt de oorlog zich voornamelijk af in de media, waarbij onze publieke opinie verstoken blijft van de  informatiestroom en de beeldvorming van het gebeuren in de niet-westerse kanalen van informatie.

Over de planning van de westerse coalitie op langere termijn sijpelt niets naar buiten. Dit mysterie laat vermoeden dat de interventiekrachten totnogtoe geen toekomstplan overeenkwamen.

Duitsland hield zich afzijdig bij de stemming in de Veiligheidraad, ondanks sterk aandringen van president Sarkozy. De breuk tussen de doorgaans in tandem werkende EU-partners (Frankrijk en Duitsland) inzake buitenlandse politiek, komt op een slecht moment. Vooral nu duidelijk wordt dat meer eensgezind beleid nodig is voor de monetaire stabiliteit van de EU.

Met deze onenigheid komt de EU “politiek” verzwakt uit de strijd. De militaire actie kreeg weinig bijval in de islamlanden, behalve dan bij de sjeiks van de auroritaire staten zoals Saoedi Arabië en de Emiraten. Daar rekenen de sjeiks op de steun van de militaire coalitie in geval van revoltes door hun naar meer vrijheid verlangende jeugdgroepen.

De BRIC-landen zien het militaire offensief van de VS en de vroegere koloniale machten in Afrika (met Frankrijk als vaandeldrager) als strategische basis om de economische opmars van China alsook Brazilië in dit continent in te dijken. De geopolitieke stroedel  van het  Midden Oosten en Afrika illustreert de rivaliteit tussen de vroegere, westerse machthebbers en tussen de nieuwe boetseerders van de wereldeconomie op markante wijze.

De groeilanden rekenen op hun “economische dynamiek” en de coalitielanden, verzwakt door groeivertraging en de financiële crisis, grijpen naar de militaire interventie. Dit is de minst vruchtbare aanpak op termijn. Na de windeieren in Afghanistan en Irak, bezondigen we ons weer eens met de militarisering van de internationale relaties.

Het meest directe gevolg is wellicht een speculatieve  bubbelisering van de prijs voor grondstoffen en aardolie. En ook hier, zoals bij de militaire expedities, zullen de westerse consumenten bij hun verbruik alsook via hun belastingen, het gelag betalen.

Het essay Opstand en burgeroorlog in de Arabische Regio: 2010-2011 is een must-read voor al wie de huidige situatie in Noord-Afrika en het Midden-Oosten beter wil begrijpen.

  • Powered by:Express.be
Louis Baeck

Professor emeritus Louis Baeck is hoogleraar. Hij  was ongeveer veertig jaar verbonden aan de Leuvense universiteit waar hij internationale betrekkingen en wereldeconomie doceerde.

Het volledige werk van de professor kan u lezen op zijn huispagina

Share
STIJGERS & DALERS BEL20