Statussymbolen

‘Weet je wat mij nu overkomen is,' klampt Albert Kempeneers mij aan in de gang. 'Ze hebben mijn ster gestolen. Mijn ster.' De tranen wellen onweerstaanbaar op in zijn ongelukkige hondenogen. Ik heb hem nog nooit zo aangedaan gezien. Deze robuuste, wat boertige man, die zich zonder diploma's maar op pure wilskracht een weg naar boven gebaand heeft, en nu de belangrijkste divisie van Metro met harde hand leidt, die staat hier te wenen als een kind.

'Welke ster bedoel je, Albert? Waar heb je het in godsnaam over?' Ik heb niet het flauwste benul van wat hij bedoelt. 'De ster van mijn Mercedes. Losgerukt van de motorkap. Gisterennacht. Door Noord-Afrikaanse vandalen.' Albert is zo geëmotioneerd dat hij er niet meer in slaagt een volledige zin uit te spreken. Hij kan ook zijn racistische reflex niet meer onderdrukken. 'Wat is daar nu zo erg aan, Albert. Die wagen is omnium verzekerd. De garage zet er meteen een nieuwe ster op,' probeer ik hem te sussen.

'Het zal nooit meer dezelfde zijn, Paul. Mijn auto is verminkt, verkracht. Ik ben ontmand,' huilt hij. 'Mijn ster. Mijn Mercedes.' Ik ben verbijsterd. Een volwassen man die zich door zoiets stoms uit het lood laat slaan. Ik had altijd gedacht dat Albert boven de uiterlijkheden van het materialistische arrivisme stond. Vorige week nog weigerde hij de Mont Blancvulpen die Jan Louage aan de leden van het directiecomité aangeboden had. Jan vond dat de beste mensen van het beste bedrijf alleen maar met het beste materiaal mochten
schrijven, en dat onze klanten dat best mochten zien. Albert had geroepen dat hij geen pen van 500 euro nodig had om te tonen dat hij de beste is. Hij had die chichi prullen niet nodig.

Deze zelfde man blijkt nu zijn sociale waarde helemaal geput te hebben uit een paar duizend kilo staal en rubber. En dan nog, volgens de ongeschreven wetten, het verkeerde soort staal. De referentiewagen is BMW, de 3- reeks voor de consultants, de 5-reeks voor de managers, en de 7- reeks voor de algemeen directeur. Jan heeft zich ooit laten ontvallen dat Mercedes een wagen is voor beenhouwers, handelaars in oud ijzer en foorkramers. Waarschijnlijk heeft Albert toen beslist om Mercedes te nemen, puur uit koppigheid.

'Albert, stel je niet zo aan. Dit is belachelijk,' spreek ik hem vermanend toe. Ik neem hem bij zijn arm naar een leegstaand vergaderlokaal. Niemand mag hem in deze staat zien. 'Mijn ster,' blijft hij zeuren. 'Albert, een Mercedeschauffeur huilt niet.' Dit heeft effect, zijn gesnik houdt op en hij kijkt me met grote vragende ogen aan.

'Meen je dat?' 'Mannen met BMW's, die huilen. Die janken. Kijk maar om je heen. Een Mercedesrijder verbijt echter zijn tranen.' Ik geloof mijn eigen oren niet, dat ik dit soort onzin sta uit te kramen. Albert is merkwaardig kalm geworden. Hij schudt zijn hoofd. 'Waarom doen de mensen zoiets, wat hebben die vandalen daar nu aan?' vraagt hij zich af. 'Hoe weet jij dat het Noord-Afrikanen waren? Heb je het zien gebeuren?' 'Nee, maar dat kan toch niet anders. De auto stond buiten aan mijn voordeur, in Schaarbeek. Het loopt daar vol met bruine boefjes.' 'Ik zou er toch maar niet van uitgaan dat het Noord-Afrikanen geweest zijn. Een Belgische, Hollandse, Noorse of Amerikaanse nachtvogel kan het evengoed gedaan hebben. Je weet dat Metro dit soort van racistische vooroordelen bestrijdt.'

'Op papier ja, en op vergaderingen. Stuur die schijnheilige moraalridders maar eens naar Schaarbeek. Dat ze maar eens uit hun Keerbergse villa komen en 's nachts door mijn straat komen lopen. Opkomen voor de migranten is een luxueus statussymbool. ' 'Ja, dat gaan we hier niet oplossen, Albert. Ik vraagje wel je racistische praat voor jezelf te houden. Heb je de schade trouwens bij de politie aangegeven?' 'Nee, nog niet. Ik was er niet toe in staat. Ik was er zo kapot van toen ik zag dat mijn ster weg was.' 'Bon, gaat het nu een beetje beter?' 'Ja, ja ik denk het wel .' 'Wellicht neem je best in het vervolg een BMW Je ster kunnen ze je dan alvast niet meer afpakken.

Metro Services is een vervolgverhaal van de Vlaamse auteur Jan Flamend, waarin hij door de ogen van de adjunct-personeelschef Paul Desmedt lief en leed beschrijft bij een dienstverlenend bedrijf dat dezelfde naam kreeg. De pittige scènes worden bevolkt door markante spelers: de flamboyante algemeen directeur Jan Louage, de kokette secretaresse Sabine de Herdt, de boertige Albert Kempeneers, rokkenjager Piet de Vadder, de zure Céline de Crayencour, de gortdroge Luc de Haes en de misantrope baas van Desmedt zelf, personeelsdirecteur Jacques Bernaerts. Naast memo's schrijven en e-mails lezen is roddelen hun favoriete bezigheid.

De illustraties zijn van de hand van Bart Ramakers.

  • Powered by:Express.be
Jan Flamend

is management consultant en oprichter van het internationale opleidingsbedrijf Valueselling.be. Zijn standaardwerk over sales heet How to sell your value and your price. Tips, tricks and tools for sales success'. In november 2010 verscheen 'Het Grote Verkoophandboek, Tips & Tricks', dat hij samen met Peter Tans schreef.

Meer info:

De Cavalerie

Valueselling.be

Share
STIJGERS & DALERS BEL20
Ageas (AGS) 2.40 %
Nyrstar (NYR) 2.03 %
Bekaert (BEKB) 1.89 %
Solvay (SOLB) 1.71 %
Colruyt (COLR) 0.97 %
Mobistar (MOBB) -8.94 %
Belgacom (BELG) -3.10 %
KBC Groep (KBC) -3.02 %
UCB (UCB) -2.57 %
Telenet Group Holding (TNET1) -1.94 %
08/02/2012 17:35