Zeg, Paul, wat denk jij van Eric de Bruyn?' vraagt commercieel directeur Piet de Vadder mij op samenzweerderige toon. Als Piet met zo een vraag afkomt, ben ik meteen op mijn hoede. Hij is ervoor berucht dat hij zijn verkopers onmiddellijk als een baksteen laat vallen wanneer hun resultaten wat beginnen tegen te vallen. Zelf is hij een briljant verkoper, die nooit tot verkoopsdirecteur had mogen benoemd worden. Hij heeft geen greintje respect voor onze klanten, en hij is veel te egoïstisch om überhaupt aan people management toe te komen.
'Een goeie verkoper is meestal een slechte manager,' zegt Jacques Bernaerts altijd. Die mannen denken alleen aan geld en zichzelf. Een manager moet kunnen geven: aandacht, steun, hulpmiddelen, coaching. 'Wat is er met Eric?' vraag ik met een onschuldig gezicht. 'Die man werkt serieus op mijn zenuwen, Paul,' zucht Piet. 'Zijn resultaten zijn goed, hij wordt door zijn klanten gewaardeerd,' zeg ik zo neutraal mogelijk. Hij zal mij niks doen zeggen wat hij tegen Eric kan gebruiken. Ik. weet dat Eric thuis problemen heeft, zijn vrouw is al geruime tijd ziek, zijn zoon is gebuisd in zijn eerste jaar op de universiteit, en hij loopt hier uitgeblust rond.
Uitgebluste mensen gaan niet lang mee bij Metro. Krachtige, montere mensen moeten wij hebben. Aanpakkers, doorduwers, plantrekkers. Eric is de boot aan het missen. 'Je weet dat ik heel dicht bij mijn mensen sta, Paul. Maar hier begrijp ik niks meer van.' Ik zeg niets, en kijk hem afwachtend en vragend aan. 'Hij begint de andere mensen in mijn team ook op hun zenuwen te werken. Ze komen klagen over hem en zijn vreemde gedrag.'
Ik zeg nog steeds niets, en kijk hem nu onbegrijpend aan. Nu gaat hij toch moeten zeggen wat hem op zijn lever ligt. 'Weet je wat hij gedaan heeft?' Ik schud mijn hoofd. 'Hij heeft drie grote foto's van zijn hond op zijn bureau gezet. Geen foto van zijn vrouw, of van zijn kinderen, zoals ik dat doe. Maar van zijn hond in godsnaam. Is die man contactgestoord?! Wie doet zoiets? Wie zet drie foto's van zijn hond op zijn bureau als hij een vrouw en twee kinderen heeft. Het is heel gênant, en de andere verkopers zijn gegeneerd. Wat moet ik hiermee doen, Paul?'
Ik probeer zolang mogelijk te zwijgen, om na te denken, en om hem de kans te geven zijn gal helemaal te spuien. 'Ik heb die gast nooit moeten hebben. Hij is een van de oude garde die ik heb moeten overnemen. Zijn resultaten zijn goed, dat geef ik toe, maar hij sloft hier rond als een afgeleefde zombie. Alle vuur is eruit. Hij teert op zijn verleden en op zijn relaties. Hij is geen voorbeeld voor de andere mensen in het team. Hij werkt op mijn zenuwen.'
Mijn stilte heeft lang genoeg geduurd, en ik beslis mijn populariteit bij deze messentrekker dan maar op het spel te zetten. 'Zeg, Piet, wat ik niet begrijp, is wie hier eigenlijk een probleem heeft. Heb jij een probleem omdat Eric aan zijn hond gehecht is, of heeft Eric een probleem omdat hij aan zijn hond gehecht is. Als je het mij vraagt, ligt het probleem in de houding die jij hebt tegenover je mensen. Jij bent het probleem. Je moet niet aan mij komen vragen wat er met Eric aan de hand is, je moet die vraag aan hem stellen. Je moet een menselijk gesprek met die man aangaan. Dat zou trouwens een aangename verrassing voor het ganse team zijn.'
Ik verwacht mij aan een explosie van verontwaardiging. 'Wat weet ik van verkopen en verkopers, en van managen af!' hoor ik hem al roepen. Een grote stilte echter. Piet denkt na over mijn woorden. Er hangt een sfeer van kwetsbaarheid in de lucht. 'Hoe moet ik dat doen?' vraagt hij tenslotte. 'Ik kan dat niet.' 'Wil je het leren?' 'Het zal wel moeten, zeker. En wat brengt dat op?'
|
Metro Services is een vervolgverhaal van de Vlaamse auteur Jan Flamend, waarin hij door de ogen van de adjunct-personeelschef Paul Desmedt lief en leed beschrijft bij een dienstverlenend bedrijf dat dezelfde naam kreeg. De pittige scènes worden bevolkt door markante spelers: de flamboyante algemeen directeur Jan Louage, de kokette secretaresse Sabine de Herdt, de boertige Albert Kempeneers, rokkenjager Piet de Vadder, de zure Céline de Crayencour, de gortdroge Luc de Haes en de misantrope baas van Desmedt zelf, personeelsdirecteur Jacques Bernaerts. Naast memo's schrijven en e-mails lezen is roddelen hun favoriete bezigheid. |


