'Makkelijke olie of 'easy oil' is over zijn piek heen'

De Nederlandse Shell-topman Jeroen van der Veer verdiende in 2005 € 3,5 miljoen. Op wereldniveau is het salaris van Van der Veer niets bijzonders. Voormalig topman Lee Raymond van ExxonMobil had in 2004 een inkomen van $ 38 miljoen. Het salaris van Raymond was onvoldoende voor de top-10 van bestbetaalde managers in de Verenigde Staten. Nummer 1 was Terry Semel van dotcommer Yahoo. Hij verdiende $ 109,3 miljoen. Drs. ir. Jeroen van der Veer heeft, zoals de meeste senior Shell-bestuurders, een heel leven bij de oliemaatschappij achter de rug. Via een ongebruikelijke route — hij werkt relatief weinig in het buitenland en maakt carrière bij de chemietak van het concern — belandt hij in 2000 aan de top van de Koninklijke Olie. Sinds 3 maart 2004 staat hij aan het hoofd van Shell. Van der Veer heeft een 'bijzondere interesse in de technische kant van de bedrijfsvoering', vermeldt bijna iedere profielschets. Niettemin stoomt de techneut Van der Veer binnen de Shell-gelederen op als manager. Als een typisch Nederlandse manager welteverstaan: een polderaar die graag zijn oor te luisteren legt en pas een besluit neemt nadat hij alle belangen over tafel heeft zien gaan. De krant De Morgen sprak met hem:

Over zijn jaarloon van € 3,5 miljoen: “Het is niet aan een CEO om zijn eigen beloning te bepalen. Het zijn de non-executive directors of leden van de raad van commissarissen die het loon vaststellen. Shell kijkt naar wat andere internationale oliemaatschappijen doen en kiest dan voor een ge matigde opstelling. Ja, ik verdien 3,5 miljoen euro. Maar in de sector hebben wij een conservatieve loonpolitiek’”

Over de door experts voorspelde uitputting van de oliereserves in 2030: “Wij verwachten dat de energiebehoefte over 25 jaar met 50 procent is gestegen. Die toegenomen vraag wordt gedreven door het groeiend aantal mensen en het feit dat de levensstandaard van veel mensen stijgt. Dat de energievraag toeneemt, betekent niet dat de olie opdroogt. Er is nog voldoende olie en ook andere vormen van fossiele brandstoffen zijn er volop. Behalve olie is er ook gas, steenkool, nucleaire energie en duurzame energie zoals wind- en zonne-energie.”

Over duurzame energie: 'Duurzame energie is nog te duur voor consumenten. Op de korte termijn zal de wereld blijven vragen om olie en gas. Ondanks de hoge olieprijs zijn deze brandstoffen nog altijd goedkoper en gebruiksvriendelijker dan duurzame bronnen. 'In sommige markten doet windenergie het goed, en wij zijn ook bezig met een nieuwe generatie fotovoltaïsche zonnepanelen. Ook zijn wij erg enthousiast over biobrandstoffen. In de Verenigde Staten zijn wij de grootste distributeur van ethanol. Shell heeft als doelstelling om op termijn van minstens één duurzame energiebron een commercieel succes te maken. Tot nu heeft het concern $1 miljartd gestoken in duurzame energie. (Het Financieele Dagblad)

Over de toekomstige prijs van olie: “Ik kan de olieprijs niet voorspellen. Maar bij het bepalen in welke olie- en gasprojecten we in de toekomst investeren, gaan we uit van lagere olieprijzen dan vandaag. We denken dat er een kans bestaat dat de olie- en gasprijzen op lange termijn veel lager zijn dan vandaag.”

Over Europa's kwetsbaarheid door de afhankelijkheid van van olie: “Europa voert vandaag 50 procent van zijn energie in en dat zal op termijn 70 procent worden, zegt de Europese Unie. De vraag is: waar halen we de energie vandaan? Uit één land of uit veel landen zoals Rusland, Algerije en Noorwegen? Die laatste oplossing maakt de economie minder kwetsbaar. Energy securityheeft alles te maken met een juiste mix van landen waar je een beroep op doet, de vormen van energie en de manier waarop ze worden vervoerd. Voer je gas in via pijpleidingen of gaat het om uranium dat je invoert voor nucleaire energie? Er zijn voorbeelden van landen met een succesvolle economie en die toch veel energie invoeren, denk maar aan Japan en de VS.”

Over Amerika als grootverbruiker op het vlak van energie: “Het wereldwijde olieverbruik bedraagt 85 miljoen vaten per dag. De VS gebruiken daarvan 21 miljoen vaten of een kwart. (...) Je ziet nog weinig dat mensen in VS minder vaak de auto nemen, maar de kans bestaat dat ze de volgende keer een zuiniger auto kopen. De overheid kan het gedrag van de consument beïnvloeden door meer belasting op benzine te heffen of subsidies te geven voor alternatieve energie. Maar als alternatieve energie heel groot wordt, is subsidie op lange termijn geen goede oplossing. Dan wordt dat te duur.”

Bron: De Morgen
Auteur: Janine Meijer

Share
STIJGERS & DALERS BEL20