Spijt en verwijt van Donald Rumsfeld

Iedereen heeft wel ergens spijt van. Zelfs de voormalige Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Donald Rumsfeld, wiens biografie Known and Unknown - een knoert van 800 bladzijden- volgende week verschijnt, maar al door verschillende Amerikaanse media kon worden ingekeken.

Drie zaken zijn niet voor herhaling vatbaar, zegt Rumsfeld. Ten eerste de uitdrukking 'Stuff Happens', die Rummy gebruikte toen journalisten hem minder na een maand na de invasie, vragen stelden omtrent de plunderingen in het centrum van Bagdad.

Ook de term 'Old Europe', waarmee hij naar Frankrijk en Duitsland verwees, was misschien niet zo'n beste keuze, aldus Rumsfeld. Tenslotte zou hij niet meer zeggen 'We weten waar ze zijn', verwijzend naar de massavernietigingswapens die in Irak gevonden hadden moeten worden, maar nooit gevonden werden.

Voor de rest heeft Rumsfeld zich naar eigen zeggen weinig te verwijten. Het Midden-Oosten zou een veel gevaarlijkere plaats zijn, mocht Saddam vandaag nog de scepter zwaaien in Irak.

Anderen kan dan weer wel een aantal zaken verweten worden. Krijgen een veeg uit de pan:

- Condoleezza Rice, die democratie en mensenrechten in Pakistan beter niet boven de Amerikaanse belangen in dat land had geplaatst;

- Colin Powell, die niet door de Bush-administratie werd gedupeerd over de Iraakse massavernietigingswapens en dus geen buitenbeentje was, zoals hij zelf graag liet uitschijnen;

- CNN, dat een smerige rol speelde door Saddams misdaden tegen de menselijkheid niet te onthullen voor de oorlog uitbrak;

- John McCain, die een buitengewone driftkikker is, die zijn visie op de gebeurtenissen telkens aanpast in functie van de media.

Verder heeft Rumsfeld er spijt van dat hij niet is afgetreden na het schandaal rond vernedering en mishandeling van gevangenen in de Abu Ghraib-gevangenis in 2004.

Het boek bevat verder ook een aantal verrassingen: zo heeft Rumsfeld het over een ontmoeting met Elvis Presley in diens kleedkamer in een hotel in Las Vegas en vertelt hij over een aantal nare ontmoetingen met een totaal verwarde (toenmalige) president Jimmy Carter.

De uitsmijter is een uitspraak van staatssecretaris Henry Kissinger ten tijde van de laatste dagen van het Watergate-schandaal: 'Rummy, we discussiëren niet eens meer met (president) Nixon.'

  • Powered by:Express.be
Share
STIJGERS & DALERS BEL20