 Jonge consumenten hebben een grotere affiniteit met het internet en mobiele telefoons dan met televisie. Dat blijkt uit een rapport van de Britse media-regulator Ofcom. Opgemerkt wordt dat de leeftijdscategorie boven de zestien jaar gemiddeld 14,2 uur per week gebruik maakt van het internet, tegenover 12,2 uur het jaar voordien. Daarmee wordt volgens Ofcom de groeiende impact van het internet duidelijk aangetoond. Jongeren tussen twaalf en vijftien jaar besteden 15,6 uur aan het internet, terwijl televisie 17,2 uur per week in beslag neemt.
De onderzoekers merken op dat 44 procent van de respondenten aangeeft dat televisie van alle media het meest zou gemist worden, maar dat bedroeg vorig jaar nog 50 procent. "In de leeftijdsgroep tussen zestien en vierentwintig jaar haalde de mobiele telefoon echter een score van 28 procent, gevolgd door het internet met 26 procent en televisie met 23 procent," merkt het webmagazine Warc.com op. Er wordt aan toegevoegd dat inmiddels 41 procent van de Britse online populatie op het internet audiovisueel materiaal consumeert, tegenover 32 procent vorig jaar.
Uit het onderzoek blijkt dat 83 procent van de Britse correspondenten uit de leeftijdsgroep boven de zestien jaar minstens één keer gebruik maakt van het internet als communicatiemiddel. Email haalt een score van 79 procent, gevolgd door sociale netwerken (45 procent), studie en werk (45 procent) en financiële transacties (33 procent). Ofcom merkt nog op dat 31 procent van de Britten het internet op een mobiel platform gebruikt, tegenover 28 procent vorig jaar. In de groep tussen zestien en vierentwintig jaar is dat al gestegen tot 55 procent. (MH)
|